Duurzame ontwikkelingDuurzame ontwikkeling
11/01/2010
European Green City index rangschikt steden naar hun milieu-inspanningen en de strijd tegen klimaatverandering

Naast het analyseren van de resultaten en doelstellingen van steden op vlak van milieu en strijd tegen de klimaatverandering, maakt de European Green City Index ook de verschillen duidelijk. De studie beoordeelt 30 steden op 8 categorieën: CO2-emissies, energie, gebouwen, transport, water, luchtkwaliteit, afval, ruimtelijke ordening en milieubeleid. “We ondersteunen de inspanningen van de steden om tot een doeltreffende klimaatbescherming te komen, door hen uitvoerige gestandaardiseerde gegevens te leveren”, aldus Dr. Reinhold Achatz, hoofd van Corporate Research and Technologies, de centrale onderzoeksunit van Siemens AG.

De categorieën zijn gebaseerd op 30 individuele indicatoren, waarvan er 16 kwantitatief (bijv. verbruik van water en energie per capita, recyclagescores en gebruik van het openbaar vervoer) en 14 kwalitatief zijn (bijv. doelstellingen voor het verminderen van de CO2-emssies, efficiëntienormen voor gebouwen en ondersteuning voor maatregelen voor milieubescherming). De Economist Intelligence Unit ontwikkelde de index en schreef het rapport in samenwerking met Siemens.

Europese steden voeren het klassement aan

"Onze analyse geeft aan dat Europese steden leiders zijn op vlak van milieuprestaties. In het bijzonder hebben bijna alle 30 steden — met een totaal van bijna 75 miljoen inwoners — een lagere CO2 –uitstoot per capita dan andere EU-landen", zei James Watson, beherend uitgever van de Economist Intelligence Unit en uitgever van de studie. "De beste stad in deze categorie, Oslo, stoot slechts 2,5 ton CO2 uit per capita en per jaar, veel minder dan het EU-gemiddelde van 8,5 ton. Bovendien hebben bijna al deze steden reeds een milieustrategie ontwikkeld en deels doorgevoerd."

"Al deze steden staan echter voor ongelooflijke uitdagingen. Zo stemmen de hernieuwbare energiebronnen bijvoorbeeld momenteel slechts overeen met ongeveer zeven procent van de energietoevoer van deze steden, wat aanzienlijk onder de doelstelling van 20 procent is, bepaald door de EU voor 2020", aldus Watson. Verder is het gemiddeld aandeel afval dat wordt gerecycleerd minder dan 20 procent, terwijl één op vier liter water verloren gaat door lekken.

Scandinavische steden scoren over het algemeen hoog. Het bewustzijn rond milieubescherming leeft hier al jaren, wat zich weerspiegelt in de ambitieuze klimaatdoelstellingen van de steden. Kopenhagen wil bijvoorbeeld koolstofvrij zijn tegen 2025. In Scandinavische landen ligt het bruto binnenlands product (BBP) per capita boven het gemiddelde, en deze rijke landen hebben op een duurzame manier geïnvesteerd in milieubescherming. Tot op heden scoren Oost-Europese steden over het algemeen lager.

Dit is grotendeels te wijten aan een relatief laag BBP en aan historische oorzaken, zoals het gebrek aan aandacht voor het milieu tijdens de voorbije decennia. Vooral het hoge energieverbruik in gebouwen en ouderwetse infrastructuren zijn hier een afspiegeling van. Op het vlak van openbaar vervoer scoren de Oost-Europese landen dan weer vaak boven het gemiddelde: Kiev, op de 30e plaats in de algemene lijst, heeft naar schatting het hoogste percentage inwoners dat gebruik maakt van het openbaar vervoer.

Brussel op de negende plaats

Brussel behaalde met een score van 78,01 op 100 de negende plaats in de algemene rangschikking van de European Green City Index. Brussel deed het bijzonder goed in de categorie water, met een laag waterverbruik per inwoner en relatief weinig lekkage van watersystemen. Ook op het vlak van environmental governance zette Brussel sterke prestaties neer en staat op de eerste plaats samen met Kopenhagen, Helsinki en Stockholm. De algemene score van Brussel werd naar beneden gehaald door het hoge energieverbruik per inwoner. Dit is gedeeltelijk te verklaren door het energieverbruik in residentiële gebouwen, dat tot de hoogste behoort in West-Europa.

Printer-friendly versionSend to friend